artificiële intelligentie (AI)

Uitwerking over wat ik kan zeggen over AI en wat daar voor deze of gene interessant aan kan zijn.
Het spreekt voor zich dat deze pagina zich ontwikkelt.

Voorlopig zijn er drie perspectieven die ik kan aanwijzen,

Het historisch perspectief
Vanuit dit perspectief komt het bewustzijn dat AI zo oud is als de mensheid en dat de mensheid niet ouder is. Binnen dit perspectief kan je vier perioden onderscheiden:

-De fantastische periode, dit is de periode van de fantasiën, van pandora, een fantasie van een robot en van god, een fantasie van een ideale intelligentie, eerste moment van reflectie, dawn of man, van die dingen.
-De mechanische periode, dit is de periode vanaf Descatres, de man van het lichaam geest onderscheid, van hardware versus software, Huygens slingeruurwerk en Leibniz digitaal notatiesysteem. De automatons uit de 18e E, Frankenstein 19e E en van Alan Turings bombe 20ste E.
-De filosofische periode, vanaf tweede deel van de 20ste eeuw, een periode met eindelijk vragen en sf films. Fundametele vragen, wat is intelligentie en wat is leren en hoe hangt dit samen? Kan je intelligentie leren of kan je alleen maar data invoeren? En de periode van de eerste emancipatie van de AI fantasie. Bevrijding uit de fantastische (pandora), metafysische (het ideale) en religieuze (god) AI beleving.
-De statistische periode, met deeplearning, machinelearning en nog zo wat maar allemaal systemen die gebaseerd zijn op statistische methoden (intelligenties) van het verwerken van veel data. Dit heeft alles te maken met de kracht van de microchips en de vrije handel in data op de datamarkt (internet).

Het tafelperspectief
AI komt op iedere tafel en dan is de vraag, wat zijn je agendapunten? Hoe ga je praten en denken over AI?

Ik stel me een tafel voor met drie typen mensen,
-mensen die geen idee hebben wat AI is anders dan dat ze AI maar heel erg eng vinden, liever maar buitenboord willen houden.
-mensen die een modern vocaburaire hebben en er over kunnen praten. Ze kunnen  het technische het praktische en het fantasische formuleren en combineren.
-en de mensen die het maken. Dat zijn de mensen die de algorithmen schrijven of anders gezegd een idee in een verhaal kunnen verwerken.
Deze mensen met totaal verschillende perspectieven en vocabulaires moet met elkaar praten, hoe doe je dat en waar ga je het dan over hebben?

Ik stel me de volgende agendapunten voor:
-definitie; waar hebben we het over wanneer we over AI praten?
-identiteit;
-bereik en domein; wat willen we maken en hoe? Het bereik is waar je naar toe wilt en het domein is waar je het vanuit doet.
-kwaliteit; hoe gaan we dat vaststellen? Wanneer is een AI systeem goed?
-hoe gaan we verder met AI?

Het poëtisch perspectief
Dit is het perspectief van het maken, hoe maak je een AI systeem wat heb je er voor nodig en wat kan je er van verwachten? Tweede emancipatie?